Bij langdurige arbeidsongeschiktheid vormt de WIA, de wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen, de basis van je financiële situatie. De WIA is ingegaan op 1 januari 2006 ter vervanging van de WAO. Je komt pas in aanmerking voor een WIA-uitkering, als je na een periode van twee jaar ziekte voor meer dan 35% arbeidsongeschikt wordt verklaard. De werkgever is wel verplicht om je twee jaar lang loon door te betalen. Salaris langer doorbetaald, maar wel een lager bedrag Je werkgever is verplicht om je bij ziekte twee jaar loon door te betalen. In totaal mag er maximaal 170% van het inkomen worden doorbetaald. In de praktijk kiezen veel werkgevers er voor om het eerste jaar 100% van het salaris door te betalen en in het tweede jaar 70%. Maar een andere verdeling, bijvoorbeeld twee keer 85% mag ook.
Resterende verdiencapaciteitBen je na de loondoorbetalingperiode van twee jaar nog steeds ziek, dan wordt beoordeeld wat je eventueel nog wel kunt en wat je daarmee zou kunnen verdienen. Dit wordt de "resterende verdiencapaciteit" genoemd. Het verschil tussen het oude loon en de resterende verdiencapaciteit is het loonverlies. Dat bepaalt de mate van arbeidsongeschiktheid. Zo wordt iemand die minder dan 35% van zijn oude loon verliest als "niet arbeidsongeschikt" bestempeld. Die krijgt dan ook geen aanvullende uitkering. Je moet dan in dienst blijven van je werkgever, eventueel tegen een aangepast salaris. Is dat niet mogelijk dan kom je in de WW en uiteindelijk in de bijstand terecht. Ligt je verdiencapaciteit tussen de 35% en 80%, dan val je onder de regeling WGA (Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten). Het doel is om je weer aan het werk te krijgen. Blijf je voldoende werken, dan ontvang je naast je salaris een uitkering. Deze uitkering bedraagt 70% van het verschil tussen je oude loon en je nieuwe (maximale) loon. Het loont dus de moeite om zoveel mogelijk te blijven werken.
Volledig arbeidsongeschiktMensen die meer dan 80% loonverlies lijden zijn geheel arbeidsongeschikt. Daarbij wordt ook gekeken of er kans is op herstel. Als herstel niet waarschijnlijk is, dan kom je in aanmerking voor de IVA (Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten). Deze uitkering bedraagt 75% van je loon, met een maximum van 70% van € 50.065,-.
Zelf voorzieningen treffenHet is duidelijk dat deze sociale voorziening behoorlijk is verschraald. De noodzaak om zelf extra voorzieningen te treffen tegen inkomensverlies bij arbeidsongeschiktheid is dus alleen maar groter geworden. Het is belangrijk dat je daarbij kiest voor een flexibele oplossing. Bovendien moet je bekijken of je kunt aansluiten op een al lopende voorziening. Dat is over het algemeen veel voordeliger dan een geheel nieuwe te regelen.
Laat je hierover informeren door je hypotheekadviseur.