21-1-2022

Renteverwachtingen van onze expert Philip Bokeloh

Philip Bokeloh | Econoom Economisch Bureau | ABN AMRO Bank Philip Bokeloh is econoom bij het Economisch Bureau van ABN AMRO, waar hij sinds 2004 werkzaam is. Hij is daar onder meer verantwoordelijk voor de analyse van de Nederlandse huizenmarkt en de ontwikkelingen op de financiële markten.

Onze experts geven hun verwachtingen voor de komende periode. Bekijk in één oogopslag de verwachting voor de hypotheekrentes ook op de Rentebarometer.

Verwachting voor de hypotheekrente

  • Korte rente: stabiel
  • Lange rente: beperkte stijging

De inflatie in de eurozone is het afgelopen jaar fors gestegen, van -0,3% in december 2020 naar 5% in december 2021. De stijging komt vooral door de hogere energieprijzen. Wanneer centrale banken het monetair beleid uitstippelen laten zij de energieprijzen echter liever buiten beschouwing. Dit omdat deze net als de voedselprijzen sterk schommelen en zodoende het zicht op de inflatie op langere termijn belemmeren.

Maar ook de inflatie zonder voedsel- en energieprijzen loopt sterk op. De zogenaamde kerninflatie, die december 2020 nog op 0,2% stond, bedroeg in december 2021 liefst 2,6%. De Europese Centrale Bank (ECB) moet dus alert zijn. Haar taak is immers te zorgen voor een gematigde inflatie op langere termijn.

Als de inflatie te hard oploopt, moet de ECB ingrijpen. Dit kan zij doen door de officiële rentetarieven voor commerciële banken te verhogen (een ingreep die vooral effect heeft op de korte rente), of door minder obligaties aan te kopen (een ingreep die vooral effect op de lange rente sorteert).

De ECB is echter terughoudend met aanpassingen doorvoeren, onder meer omdat het economisch herstel nog fragiel is. Veel landen hebben de coronamaatregelen weer aangescherpt vanwege het oplopend aantal besmettingen. De nieuwe omikron coronavariant zorgt voor onzekerheid over het verdere verloop van de pandemie en de gevolgen daarvan voor de economie.

De ECB is er bovendien niet van overtuigd dat de inflatiestijging duurzaam is. Wereldwijd zijn productieketens verstoord door lockdowns en transportproblemen. Sommige fabrieken draaien op halve kracht, omdat de levering van halfgeleiders hapert, een probleem dat vooral de auto-industrie treft. De ECB gaat ervan uit dat deze verstoringen tijdelijk zijn en dat het opwaartse effect ervan op de inflatie zal verdwijnen.

Tot slot denkt de ECB dat op langere termijn structurele, inflatiematigende factoren weer de overhand zullen krijgen. Voorbeelden daarvan zijn de ruime Europese arbeidsmarkt, die een rem zet op de lonen, en de overtollige productiecapaciteit bij bedrijven, die de verleiding om de prijzen te verhogen tempert. Er zit nog een flink gat tussen de mogelijke en de feitelijke productie. Dit wijst er op dat bedrijven weinig prijszettingsmacht hebben en dat het gevaar van een duurzaam hoge inflatie beperkt is.

De ECB houdt daarom vast aan een ruim monetair beleid. In maart, als de aankoop van obligaties vanuit het speciaal voor de coronacrisis ingestelde aankoopprogramma stopt, zal de ECB dit compenseren door het reguliere obligatieaankoopprogramma uit te breiden. Verder denken wij dat de ECB de officiële rentetarieven voor commerciële banken intact laat en dat de eerste renteverhoging nog jaren op zich laat wachten.

Ondanks alle geruststellende geluiden van de ECB loopt de rente op Europese staatsleningen momenteel op, omdat andere centrale banken er minder vertrouwen in hebben dat de inflatie laag blijft en hun monetair beleid wel aanpassen. In de Verenigde Staten bijvoorbeeld zijn de risico’s van een krappe arbeidsmarkt en een duurzaam hogere inflatie groter. Daarom haalt de Federal Reserve de monetaire teugels aan en stijgt de Amerikaanse rente. In haar kielzog trekt de hogere Amerikaanse rente ook de Europese rentes mee omhoog.

De rente op Nederlandse staatsleningen met een looptijd van 10 jaar staat inmiddels op 0,1%. Dat is 50 basispunten hoger dan een jaar geleden. Wij houden er rekening mee dat de rente op Nederlandse 10-jaarsstaatsleningen op termijn verder kan oplopen naar 0,1% eind dit jaar en 0,2% eind volgend jaar. In lijn hiermee kan ook de hypotheekrente licht stijgen, al wordt de stijging beperkt door de felle concurrentie op de hypotheekmarkt. Per saldo blijft de hypotheekrente dus zeer laag.

In verband met de aanhoudend lage hypotheekrente, houden wij rekening met een verdere stijging van de huizenprijzen. De gemiddelde prijsstijging zal dit jaar echter lager uitvallen dan vorig jaar. Het effect van een rentedaling dooft namelijk uit naarmate het meer en meer in de huizenprijzen verwerkt zit.

Meer renteverwachtingen

Lees ook de verwachtingen voor de rentestanden van onze andere experts: Rachelle Rijk en Mirjam Bani.

Actuele rentestanden per e-mail ontvangen?

Neem een gratis rentestandenabonnement. Je ontvangt wekelijks per e-mail een overzicht van de actuele rentestanden met daarbij de Rentebarometer, waarop je direct de trends en prognoses voor de rentestanden kan aflezen. Gebruik de actuele hypotheekrente als achtergrondinformatie bij het afsluiten van je hypotheek, of om te checken of je bestaande hypotheek nog wel up-to-date is. 

Aanmelden arrow_forward