Blog Blog

Renteverwachtingen van onze expert Philip Bokeloh

Philip Bokeloh | Econoom Economisch Bureau | ABN AMRO Bank Philip Bokeloh is econoom bij het Economisch Bureau van ABN AMRO, waar hij sinds 2004 werkzaam is. Hij is daar onder meer verantwoordelijk voor de analyse van de Nederlandse huizenmarkt en de ontwikkelingen op de financiële markten.
Leestijd: 5 min
Laatste update: 19-8-2022

Onze experts geven hun verwachtingen voor de komende periode. Bekijk in één oogopslag de verwachting voor de hypotheekrentes ook op de Rentebarometer.

Verwachting voor de hypotheekrente

  • Korte rente: omhoog
  • Lange rente: eerst omlaag, dan omhoog

De inflatie in de eurozone is het afgelopen jaar fors gestegen van 2,2% in juli 2021 naar 8,9% in juli 2022. De stijging van het algehele prijspeil komt vooral door de als gevolg van de Russische inval in Oekraïne hogere voedsel- en energieprijzen. Wanneer centrale banken het monetair beleid bepalen, laten zij de voedsel- en energieprijzen liever buiten beschouwing, omdat deze sterk schommelen en het zicht op de inflatie op langere termijn belemmeren.

Maar ook de inflatie zonder voedsel- en energieprijzen loopt momenteel sterk op. De zogenaamde kerninflatie, die juli 2021 nog 0,7% bedroeg, stond in juli 2022 op 4,0%. Zo hoog dat de Europese Centrale Bank (ECB) op haar hoede is. Haar taak is immers te zorgen voor een gematigde inflatie. De lange-termijnstreefwaarde die zij daarbij hanteert, is 2%, dus ruim onder het huidige inflatieniveau.

Als de inflatie te hard oploopt, moet de ECB ingrijpen en het monetair beleid verkrappen. Dit kan zij doen door minder schuldtitels aan te kopen (een ingreep die vooral leidt tot een hogere rente voor leningen met een lange rentevast periode) of door de officiële rentetarieven voor commerciële banken te verhogen (een ingreep die vooral effect heeft op de rente voor leningen met een korte rentevast periode, maar tevens aangrijpt op leningen met een lange rentevast periode).

Tot voor kort was de ECB echter zeer terughoudend met aanpassingen doorvoeren, onder andere vanwege het fragiele economische herstel. Hoewel de meest recente coronavarianten minder desastreus zijn dan eerdere varianten, blijft er onzekerheid over het verdere verloop van de pandemie, over de gevolgen daarvan voor de economie en over wat er gebeurt als steunmaatregelen van overheden zijn teruggedraaid.

Een andere reden voor de terughoudendheid van de ECB is dat de inflatiestijging vooral door tijdelijke aanbodproblemen wordt veroorzaakt. Wereldwijd zijn productieketens verstoord door lockdowns en transportbelemmeringen. Sommige fabrieken draaiden op halve kracht, omdat de levering van microchips haperde. Zodra deze tijdelijke aanbodproblemen achter de rug zijn, zal het opwaartse effect ervan op de inflatie verdwijnen.

Verder gaat de ECB ervan uit dat structurele, inflatiematigende factoren op termijn weer de overhand zullen krijgen. Zo is in veel lidstaten de arbeidsmarkt nog ruim, wat een rem zet op de lonen. Daarnaast is er overtollige productiecapaciteit bij bedrijven. Door het gat tussen de mogelijke en de feitelijke productie hebben bedrijven weinig prijszettingsmacht. Dit beperkt het gevaar van een duurzaam hoge inflatie.

Recent is de ECB niettemin van mening veranderd, deels vanwege de wisselkoers van de euro. De euro staat onder druk versus de dollar in verband met de renteverhogingen in de VS. Door de verzwakking van de euro dreigen ingevoerde goederen en diensten in prijs te stijgen en kan de inflatie nog verder oplopen. De ECB ziet zich daarom gedwongen om, net als de Amerikaanse centrale bank, het monetaire beleid te verkrappen.

Ook krijgt de opvatting dat een ruim monetair beleid ongewenste gevolgen heeft voor de economie geleidelijk meer draagvlak binnen de ECB. Lang de economie aanjagen zoals de afgelopen jaren gebeurde, verstoort investeringsbeslissingen en kan tot speculatief gedrag leiden. Dit brengt risico’s met zich mee. Een groeiend aantal ECB-beleidsmakers wil daarom een minder stimulerend beleid.

De belangrijkste reden voor de koerswijziging van de ECB zijn evenwel de stijgende inflatieverwachtingen bij Europese bedrijven en gezinnen. Dit kan een self-fulfilling prophecy worden als de inflatieverwachtingen te ver boven de 2%-doelstelling van de ECB uitstijgen. Om de toename van in de kiem te smoren, wil de ECB stoppen met obligaties aankopen en de officiële rentetarieven verhogen.

Op 21 juli verhoogde de ECB de depositorente met 50 basispunten naar 0%. Eerder had de ECB nog aangegeven haar belangrijkste rentetarief slechts met 25 basispunten te verhogen. Met de fermere stap wil de ECB duidelijk maken dat zij haar inflatiedoelstelling serieus neemt. Bij de toelichting van haar besluit hintte de ECB op verdere aanpassingen richting ‘neutraal niveau’, het niveau waarbij het rentetarief de economie stimuleert, noch afremt.

Dit roept de vraag op waar dat neutrale niveau dan ligt. Hier is onder economen volop discussie over. De ECB schat op 2%. Wij denken een stuk lager, op ongeveer 1%. Vandaar dat wij ervan uitgaan dat de ECB het depositotarief uiteindelijk verhoogt naar 1% begin volgend jaar. Een forse ingreep, maar afgezet tegen de aanpassing door de Amerikaanse centrale bank, die het officiële tarief naar verwachting verhoogt tot 4%, is dit nog relatief bescheiden.

Als het depositotarief eenmaal op 1% staat, zal de ECB het tarief volgens ons langere tijd stabiel houden, ook omdat de dreiging van recessie een groter gewicht zal krijgen in het beleid wanneer het verlies aan koopkracht van gezinnen en mogelijke energietekorten leiden tot een verdere verzwakking van de economie. Per saldo zullen de rentes voor hypotheken met een korte rentevast periode navenant stijgen.

De hypotheekrente met een lange rentevast periode volgt de rente op staatsleningen plus een risico-opslag. Die opslag varieert in de tijd en bedroeg gemiddeld 2¼ procentpunt in de afgelopen vijf jaar. De 10-jaars rente op Nederlandse staatsleningen steeg van 0% begin dit jaar naar 2,1% in juni, daalde vervolgens naar 1,1%, staat inmiddels op 1,4%, en zal volgens onze prognoses oplopen naar 1,65% eind volgend jaar. Dit betekent dat de 10-jaars hypotheekrente eerst iets kan dalen en daarna weer licht oploopt.

Meer renteverwachtingen

Lees ook de verwachtingen voor de rentestanden van onze andere experts: Rachelle Rijk en Mirjam Bani.

Actuele rentestanden per e-mail ontvangen?

Neem een gratis rentestandenabonnement. Je ontvangt wekelijks per e-mail een overzicht van de actuele rentestanden met daarbij de Rentebarometer, waarop je direct de trends en prognoses voor de rentestanden kan aflezen. Gebruik de actuele hypotheekrente als achtergrondinformatie bij het afsluiten van je hypotheek, of om te checken of je bestaande hypotheek nog wel up-to-date is. 

Aanmelden arrow_forward