Huizenprijzen in juli 3,9 procent hoger dan jaar eerder
In juli lagen de prijzen van bestaande koopwoningen gemiddeld 3,9 procent hoger dan een jaar eerder. Een maand eerder bedroeg de prijsstijging op jaarbasis nog 4,1 procent. Daarmee vlakt de stijging van de huizenprijzen verder af. Ten opzichte van juni 2026 stegen de huizenprijzen met 0,5 procent. Dit blijkt uit de laatste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Kadaster.
Stijging huizenprijzen vlakt verder af
Hoewel de huizenprijzen nog altijd hoger liggen dan een jaar geleden, neemt de prijsstijging al langere tijd af. In juli 2025 lagen de prijzen bijvoorbeeld nog 8,6 procent hoger dan een jaar eerder. In januari van dit jaar was dat 5,4 procent en in juni 4,1 procent. In juli is de prijsstijging verder afgenomen naar 3,9 procent.
Ten opzichte van de voorgaande maand gingen de prijzen wel omhoog. Bestaande koopwoningen waren in juli gemiddeld 0,5 procent duurder dan in juni.
Na de piek in juli 2022 daalden de huizenprijzen enige tijd. Sinds juni 2023 is de trend weer stijgend. Inmiddels liggen de prijzen gemiddeld 17,9 procent hoger dan tijdens de vorige piek in juli 2022.
Meer bestaande woningen verkocht in juli
Volgens het Kadaster zijn er in juli 2026 in totaal 22.241 bestaande woningen verkocht. Dat zijn 5 procent meer transacties dan in dezelfde maand een jaar eerder. In de eerste zeven maanden van 2026 zijn 137.142 woningen verkocht, een stijging van 5,4 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.
De gemiddelde transactieprijs van een bestaande koopwoning kwam in juli uit op € 500.988. Daarmee ligt de gemiddelde transactieprijs voor het eerst in deze cijfers boven de € 500.000.
De prijsindex wordt gebruikt om de prijsontwikkeling te meten in plaats van de gemiddelde transactieprijs. Dat komt doordat de prijsindex rekening houdt met kwaliteitsverschillen tussen woningen. In de gemiddelde transactieprijs is geen kwaliteitscorrectie verwerkt.