30-8-2019

Overbieden op woningmarkt vaker regel dan uitzondering

Door de grote schaarste op de woningmarkt worden steeds meer huizen ver boven de vraagprijs verkocht. Met name in de Randstad, maar ook in steden als Eindhoven en Groningen is een groot tekort aan nieuw aanbod. Het gevolg daarvan is dat mensen zich gedwongen zien te overbieden. Vooral in de grote steden is overbieden vaak de enige manier om kans te maken op een woning.

Uit een landelijke peiling die De Hypotheker onder een groot aantal vestigingen heeft verricht, blijkt dat de helft van de ondervraagde franchisenemers aangeeft dat hun klanten regelmatig moeten overbieden. Voor ruim een kwart van deze franchisenemers is dit zelfs meestal tot altijd het geval. Dit betekent dat een steeds grotere groep huizenkopers het verschil uit eigen middelen moet financieren, maar dat is lang niet voor iedereen weggelegd.

Meer regel dan uitzondering

Steeds meer huizenkopers bieden noodgedwongen hoger dan de vraagprijs om in aanmerking te komen voor een woning. De Hypotheker heeft in kaart gebracht hoeveel klanten bij haar vestigingen ‘overbieden’. Hieruit blijkt dat de helft van de kantoren die deelnamen aan de enquête aangeeft dat huizenkopers regelmatig meer bieden dan de vraagprijs. Ruim een kwart zegt dat dit eigenlijk meer regel dan uitzondering is. Vooral in de grote steden is overbieden vaak de enige manier om kans te maken op een woning. Slechts 20 procent van de kantoren geeft aan dat hun klanten soms boven de vraagprijs bieden, terwijl veruit de meeste huizenkopers vrijwel altijd bereid zijn te overbieden. 


Meer eigen geld nodig bij overbieden

Sinds 1 januari 2018 kan men nog maar 100 procent van de getaxeerde woningwaarde lenen, waardoor huizenkopers het bedrag boven de vraagprijs uit eigen middelen moeten financieren. Dat blijkt ook uit het volgende rekenvoorbeeld: een huizenkoper wil een woning kopen met een vraagprijs van 320.000 euro en de woning wordt ook getaxeerd op dit bedrag. Op basis van zijn inkomen kan de huizenkoper 400.000 euro lenen. Er is echter veel interesse in het huis en hij besluit meer te bieden dan de vraagprijs. Uiteindelijk koopt hij de woning voor 350.000 euro. Omdat het slechts mogelijk is om 100 procent van de woningwaarde te lenen, dient de huizenkoper 30.000 euro zelf te financieren. Dit kan spaargeld zijn, overwaarde uit de vorige woning of een schenking van familie. 

Tweedeling op de huizenmarkt

“De schaarste op de woningmarkt houdt aan, waardoor steeds meer mensen geneigd zijn meer te bieden dan de vraagprijs. Lang niet iedereen beschikt echter over de financiële middelen om dit zelf te financieren. Hierdoor neemt het risico op een tweedeling op de huizenmarkt toe”, zegt Michel van den Akker, directievoorzitter van De Hypotheker.” Van den Akker verwijst naar een onderzoek dat De Hypotheker eind 2018 heeft verricht naar te koop staande woningen in Nederland. Toen stonden nog 106.234 woningen te koop op Funda. Van den Akker: “In augustus 2019 stond de teller op 98.194: een daling van maar liefst 7,6 procent. Tegelijkertijd blijven de huizenprijzen stijgen en is de gemiddelde verkoopprijs van een woning in het tweede kwartaal van 2019 vastgesteld op 308.000 euro. Dat is een nieuw record en een stijging van bijna 5 procent ten opzichte van het eerste kwartaal van dit jaar. Het ziet er dus niet naar uit dat de krapte op de huizenmarkt zal afnemen. Met als gevolg dat steeds meer huizenkopers bereid zijn meer te betalen dan de werkelijke waarde van een woning.”