Box 1

In box 1 vallen inkomen uit arbeid, inkomen uit eigen woning en winst uit onderneming. Dit inkomen wordt het inkomen uit werk en woning genoemd. Met box 1 krijgt bijna iedereen te maken. In deze box vindt ook de verrekening plaats van de hypotheekrenteaftrek.

Het volgende inkomen valt onder box 1:

  • Loon;
  • Winst uit onderneming;
  • Inkomen uit overige werkzaamheden;
  • Lijfrente- en pensioenuitkeringen;
  • Periodieke uitkeringen (bijvoorbeeld alimentatie);
  • Sociale uitkeringen;
  • Het eigenwoningforfait.

Aftrekposten:

  • Het saldo eigenwoningforfait minus de hypotheekrente en andere kosten ten behoeve van de eigen woning;
  • Lijfrentepremies (onder bepaalde voorwaarden);
  • Reisaftrek;
  • Persoonsgebonden aftrekposten zoals onderhoudsverplichtingen, scholingskosten en giften. Let op: deze leiden nooit tot belastingteruggave.

In box 1 kun je het saldo van het eigenwoningforfait minus de rente en de kosten van de eigenwoningschuld verrekenen met het belastbaar inkomen. De inkomsten uit eigen woning moet je bij je inkomen optellen en bestaat met name uit het eigenwoningforfait. Van de inkomsten mag je ook een aantal kosten aftrekken van de belastbare inkomsten uit eigen woning.

Eigenwoningforfait

Als je een koophuis hebt, dan heb je volgens de staat het woongenot van jouw woning. Hierdoor ben je bevoorrecht ten opzichte van huurders. De staat ziet het als eigen inkomsten vanuit je woning. Hierdoor moet je een bedrag bij je inkomen tellen, namelijk het eigenwoningforfait. Het eigenwoningforfait wordt berekend via de waarde van je woning. Om precies te zijn is het een percentage van de WOZ-waarde van jouw woning die als hoofdverblijf geldt. Via de volgende tabel kun je het eigenwoningforfait voor jouw woning berekenen.

Waarde van de woning   Eigenwoningforfait
Meer dan Niet meer dan  
- € 12.500 0%
€ 12.500 € 25.000 0,25%
€ 25.000 € 50.000 0,35%
€ 50.000 € 75.000 0,50%
€ 75.000 € 1.080.000 0,65%
€ 1.060.000 - € 7.020 + 2,35% van de waarde van de woning boven € 1.080.000


Berekening eigenwoningforfait

De WOZ-waarde van je woning is vastgesteld op 210.000 euro. Het eigenwoningforfait van jouw woning bedraagt dan 0,65 procent van 210.000 euro = 1.365 euro.

Aftrekbaar: renteaftrek en bepaalde kosten

In je aangifte van de inkomstenbelasting mag je verschillende kosten voor je woning aftrekken. De volgende kosten mag je aftrekken:

  • rente van je hypotheek;
  • eenmalig aftrekbare kosten;
  • periodieke betalingen van erfpacht, opstal of beklemming;
  • kosten voor een rijksmonumentenpand.

Renteaftrek

Sinds 1 januari 2013 kan je alleen fiscaal voordeel van de hypotheekrenteaftrek genieten als je de hypotheek aflost op basis van een annuïteiten- of een lineaire hypotheek. Onder strikte voorwaarden is het nog wel mogelijk om een andere hypotheekvorm (bijvoorbeeld: bankspaar- of aflossingsvrije hypotheek) te kiezen. 

Rekenvoorbeeld
Je koopt een woning en sluit een hypotheek af voor 200.000 euro. De rente op jaarbasis is 2 procent. Hierdoor betaal je het eerste jaar 4.000 euro per jaar aan rente. Deze rente mag je in box 1 aftrekken na verrekening met het eigenwoningforfait. Het eigenwoningforfait is in dit geval 1.300 euro (0,65 procent van 200.000 euro). Trek daar 4.000 euro rente vanaf en je hebt een aftrekpost van 2.700 euro.

Als je met je inkomen in de derde inkomensschijf valt, wordt een belastingtarief van 40,85 procent gehanteerd. Dit leidt tot een belastingbesparing van 1.029 euro (2.700 x 38,10 procent). Per saldo betaal je dus nog maar 2.971 euro (4.000 euro min 1.029 euro belastingvoordeel) in het eerste jaar.

Eenmalig aftrekbare kosten

Als je een woning koopt, mag je in het jaar van aankoop een aantal financieringskosten eenmalig aftrekken. Deze kosten mag je ook meefinancieren in je hypotheek. Een aantal kosten bij aankoop van een woning zijn niet aftrekbaar.

Aftrekbaar zijn de kosten voor het afsluiten van je hypotheek:

  • advies- en bemiddelingskosten voor de lening;
  • notariskosten en kadastrale rechten voor de hypotheekakte, inclusief btw;
  • betaalde boeterente of oversluitkosten;
  • taxatiekosten (alleen om een lening te krijgen);
  • kosten van de aanvraag van een Nationale Hypotheek Garantie;
  • bouwrente over de periode na het sluiten van de voorlopige koopovereenkomst;
  • kosten van nieuwbouwdepot of verbouwingsdepot.

De volgende kosten bij kopen of verbouwen van een huis zijn niet aftrekbaar:

  • bemiddelingskosten voor de aankoop van de woning (bijvoorbeeld makelaarsprovisie), overdrachtsbelasting en omzetbelasting;
  • notariskosten en kadastrale rechten voor de koopakte;
  • bouwrente over de periode vóór het afsluiten van de voorlopige koopovereenkomst;
  • kosten van onderhoud en verbouwing.